In de huidige, westerse wereld is ons hongergevoel een vijand. We proppen ons massaal vol met te vet en te zoet voedsel omdat we daar zo’n behoefte aan hebben. Ons lichaam vraagt er naar, nee schreeuwt er zelfs om. Maar nodig hebben we het blijkbaar niet want de vetranden om ons middel zetten zich geleidelijk uit. We worden dikker en ongezonder en al dat vet is ons alleen maar tot last.
De flessen die worden gebruikt bij het voeden van baby’s dragen mogelijk bij aan het overgewicht van kleine kinderen. Dit bleek uit verschillende studies die werden gepresenteerd op het European Congress on Obesity in Genève.
Waar voor je geld! We zijn goede consumenten en vinden het prettig wanneer we twee keer zo veel kunnen krijgen, maar er niet twee maal zo veel voor hoeven te betalen. Bij MacDonalds blijk je een supersize menu te kunnen krijgen voor maar iets meer geld dan een gewoon menu. Je moet toch wel gek zijn als je daar geen gebruik van maakt. Maar wat zijn de gevolgen voor onze gezondheid?
Onderzoek waarover in mei 2008 in het wetenschappelijk tijdschrift Nature te lezen was, laat zien dat mensen op volwassen leeftijd een vast aantal vetcellen hebben. Die kunnen inkrimpen en opzwellen, maar het aantal dat je hebt is bepalend voor je gewicht.
Veel meisjes beginnen met roken om hun gewicht onder controle te krijgen, maar onderzoek in Canada laat zien dat meisjes die roken niet meer gewicht verliezen dan niet-rokende meisjes. Voor rokende jongens is er wel een verschil, maar dan in lichaamslengte.
Het is een oude wijsheid van mensen die gewichtsproblemen hebben: ga nooit naar de supermarkt als je honger hebt, want je gooit veel meer in je wagentje dan je nodig hebt. Onderzoek toont nu duidelijk aan hoe dat veroorzaakt wordt.
Ruim negen van de tien Amerikaanse televisiereclames voor voeding gericht op kinderen bevat te veel slechte voedingsstoffen of hebben te weinig voedingswaarde.
Uit onderzoek blijkt dat getrouwde mensen het gezondst zijn. Daar staat tegenover dat getrouwde mensen juist dikker zijn dan ongetrouwde mensen. Vooral getrouwde mannen zijn erg zwaar.
Zelfs een ietwat lage hormoonafgifte van een overigens normale schildklier kan tot gewichtstoename leiden. Helaas is nog niet bekend wat een passende behandeling zou kunnen zijn.
Uit een onderzoek onder bijna duizend Belgische jongeren blijkt dat tien procent overgewicht heeft. De dikkerds zijn met name te vinden in het lage onderwijstype.
Uit recent Amerikaans onderzoek blijkt dat mensen met overgewicht vaak een bepaalde bacterie in de darmen hebben, terwijl magere mensen juist veel van een andere bacteriestam te gast hebben. Veroorzaken die bacteriën je dikke buik? Of hebben mensen met overgewicht gewoon toevallig veel van dat type bacteriën?
Leptine is een stof die voornamelijk in vetweefsel wordt gemaakt en vervolgens in de bloedcirculatie terechtkomt. Het werd oorspronkelijk een hongerhormoon genoemd, omdat een hoger gehalte ervan gepaard gaat met een sterker gevoel van verzadiging.
In Groot-Brittannië is een grote ontdekking op het gebied van overgewicht gedaan. De aanwezigheid van een specifiek gen verklaart waarom de één dikker wordt dan de ander.
Dr Hamish Meldrum, hoofd van de British Medical Association, waarschuwt dat overgewicht te veel als een ziekte wordt beschouwd. Het is het gevolg van gedrag en de nadruk zou moeten liggen op preventie.
Het werd onlangs gepubliceerd in Synapse, en heeft bevestigd dat dopamine een belangrijke rol speelt in overgewicht
. Dopamine is een boodschapperstof in onze hersenen die o
.a
. betrokken is bij beweging, plezier en motivatie
.
Gezond zijn en blijven is niet altijd even makkelijk. Naast de al bestaande maatregelen die men kan nemen om gezondheidsproblemen te voorkomen, hebben Amerikaanse onderzoekers een nieuwe oplossing gevonden. Kijken naar ziekenhuisseries zou namelijk een positieve invloed op de kennis en het gedrag rondom de gezondheid kunnen hebben.
Dik zijn is niet makkelijk, zeker niet als je er weinig aan kunt doen
. In tegenstelling tot wat veel mensen denken, is overgewicht niet altijd iemands eigen schuld
.
Overgewicht wordt in onze maatschappij zo gestigmatiseerd dat mensen die er last van hebben zoeken naar talrijke manieren om de schuld bij iets of iemand anders te leggen.
Elk pondje gaat door het mondje. Dat weten we natuurlijk. Toch zien we duidelijke patronen bij het dik worden die erop wijzen dat er meer aan de hand is.
Meer dan de helft van de Britten heeft overgewicht en ook in Nederland kruipen we langzaam naar deze cijfers toe. Steeds meer mensen met overgewicht ontkennen echter dat ze te dik zijn. Een kwart van de te dikke mensen zegt zelf een gezond gewicht te hebben.
Wat is de hoofdoorzaak van overgewicht en obesitas
Zowel een inactieve leefstijl als een toegenomen voedselconsumptie zijn van invloed op de ontwikkeling van overgewicht. Maar welke factor weegt (letterlijk) zwaarder?
Het mechanisme achter gewichtstoename zit nogal ingewikkeld in elkaar. Er spelen zo veel factoren een rol dat er slechts zelden één oorzaak aan te wijzen is. Het is dus mogelijk dat je ondanks een gezonde leefstijl toch zwaarder wordt. Waar kan dat aan liggen?
Overgewicht is niet alleen een kwestie van een ongezonde leefstijl. Ook een hersenafwijking kan mensen te veel laten eten, omdat de verleiding voor hen gewoonweg te groot is.
Het is bekend dat overgewicht vaker voorkomt onder allochtone Nederlanders dan onder autochtonen. Maar wanneer ze goed ingeburgerd zijn is dit verschil niet langer zichtbaar. Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) bleek dat de goed ingeburgerde allochtoon, gemiddeld net zo zwaar is als de autochtone Nederlander.
De hypothalamus, een klein maar belangrijk hersengebied, speelt al jaren een rol in het onderzoek naar overgewicht en ziekten die daar het gevolg van zijn. Men bleef lange tijd voor een raadsel staan, maar nu is duidelijk geworden hoe de hypothalamus een rol speelt in het dikker worden.
Je gewicht wordt door allerlei mechanismen gereguleerd. Er lijkt een belangrijke rol te zijn weggelegd voor een herseneiwit, dat tegen overgewicht zou beschermen.
Geld en overgewicht hebben met elkaar te maken. Mensen met een hoger inkomen hebben vaak minder last van overgewicht. Dat dit waar is blijkt uit een onderzoek dat gedaan is in de Amerikaanse staat California.
Amerikaanse wetenschappers hebben ontrafeld welke genen verantwoordelijk zijn voor de vetopslag in ons lichaam. Men hoopt met deze opgedane kennis in de toekomst nieuwe afvalmethoden te kunnen ontwikkelen.
New Yorkse onderzoekers van het Albert Einstein College of Medicine hebben de genen geïdentificeerd die ervoor zorgen dat vet in de lichaamscellen wordt opgeslagen. De genen, genaamd FIT1 en FIT2, coderen voor eiwitten die het mogelijk maken dat vet in de vorm van druppeltjes wordt bewaard, om ze later als energiebron te gebruiken. Ook primitieve levensvormen zoals schimmels bezitten deze genen, omdat het opslaan van vetdruppeltjes een essentieel proces is voor de overleving van een cel.
Met behulp van een serie experimenten heeft het onderzoeksteam de rol van de FIT-genen met zekerheid vastgesteld. Door extra kopieën van de genen in menselijke cellen in te bouwen, bleek dat het aantal vetdruppeltjes in deze cellen vier- tot zesmaal groter werd. In een andere proef verminderde men de expressie van een FIT-gen in vetcellen van muizen, wat de vorming van de druppeltjes drastisch omlaag bracht. Door genetisch materiaal in zebravissen te injecteren dat de activiteit van de FIT-genen blokkeert, werd de functie van deze genen eveneens duidelijk. De vissen kregen gedurende zes uur een vetrijk dieet, waarna hun lever- en darmcellen werden onderzocht op de aanwezigheid van vetdruppels. Het resultaat was duidelijk: bijna geen druppeltje te bekennen.
De ontdekking van de FIT-genen kan mogelijk iets gaan betekenen voor de aanpak van overgewicht en ziektes zoals diabetes type 2. Nu we weten welke genen aan de vetopslag ten grondslag liggen, zou het misschien mogelijk zijn om hun activiteit te beïnvloeden. Eerst zal precies uitgezocht moeten worden hoe de genen samenwerken met andere genen die betrokken zijn bij de vetopslag. De volgende stap is het beantwoorden van de vraag of we door het reguleren van deze genen onze gezondheid positief kunnen beïnvloeden. Zullen er geneesmiddelen kunnen komen die de vetopslag zodanig aanpassen dat wij minder dik worden? Helaas moet de medische wetenschap het antwoord ons voorlopig schuldig blijven. Onderzoek op het gebied van vetreserves in lichaamscellen staat nog in de kinderschoenen en zal nog lang geen einde kennen. Voorlopig kunnen we daarom beter vertrouwen op ons eigen inzet door gezond te eten en voldoende te blijven bewegen. Ook zonder een medicijn is het mogelijk om het aantal vetdruppeltjes binnen de perken te houden.
Bron: “Fat-storing gene is identified”, www.ft.com, 21 december 2007